‘Ik mag niet zwemmen, dat vind ik echt stom’

'Ik mag niet zwemmen, dat vind ik echt stom'

Jazz (13) leeft met sikkelcelziekte

Jazz is dertien en al bijna zijn hele leven onder behandeling voor sikkelcelziekte. De diagnose kwam echter onverwacht. “Na de hielprik kregen we te horen dat Jazz alleen drager was,” vertelt zijn moeder Rachelle. “Een jaar later bleek dat er een fout was gemaakt – Jazz had toch sikkelcelziekte.” Hoewel hij toen nog geen klachten had, kwam het nieuws als een grote schok voor het gezin.

Van af en toe naar intensieve zorg
Tot zijn elfde had Jazz geen last van ernstige klachten. “Ik had wel eens pijn in mijn benen of armen,” zegt hij, “maar meestal ging het wel.” Rachelle vult aan: “Eén of twee keer per jaar was het wat erger, dan kregen we de pijn niet onder controle. Maar het bleef beheersbaar.”

Dat veranderde abrupt rond kerst 2023. Jazz kreeg hevige rugpijn en werd ziek tijdens school. “Hij belde me huilend op. Hij zei meteen ‘dit is sikkelcel, mama’,” vertelt Rachelle. In het ziekenhuis sloegen de klachten over op zijn longen. Jazz belandde op de intensive care en bracht tien dagen in het ziekenhuis door, ook tijdens kerst. “Dat was de heftigste ervaring tot nu toe.”

Sindsdien gebruikt Jazz dagelijks medicatie, waaronder hydroxycarbamide (Hydrea). “Ik slik vijf pillen per dag,” vertelt Jazz. “Gelukkig smaken ze nergens naar.” Sinds hij deze medicatie gebruikt, zijn de klachten sterk verminderd. Alleen na een warme zomerdag in 2023, toen hij zijn benen kort afkoelde in het zwembad, volgde nog een crisis. “Het was snikheet, en we dachten dat het water ook wel warm genoeg zou zijn, maar het ging toch mis”, aldus Rachelle. “We moeten altijd alert zijn: niet te koud, niet te warm, niet te moe; het blijft opletten.”

Leven met beperkingen
Sikkelcelziekte beperkt Jazz in dingen die voor anderen vanzelfsprekend zijn. “Ik mag niet zwemmen,” zegt hij. “Dat vind ik echt stom, want al mijn vrienden doen het wel.” Ook intensief sporten is lastig. “Bij een warming-up moet ik soms al stoppen.” Zijn vrienden houden er gelukkig wel rekening mee. Ze weten dat Jazz sikkelcelziekte heeft, al beseffen ze niet altijd hoeveel pijn het soms doet. “Ze vinden het wel vervelend voor me,” zegt hij. “Maar ik denk niet dat ze echt snappen hoe erg het soms is.”

Ook voor zijn moeder is het soms ingewikkeld. “Soms willen vriendinnen een weekend weg of een uitje plannen,” vertelt Rachelle. “Dan durf ik dat vaak niet, omdat ik altijd in de buurt van Jazz wil blijven. En het is moeilijk om dat steeds uit te leggen zonder dat mensen denken dat ik overbezorgd ben.”

Vertellen wat het is
Jazz praat er niet vaak uit zichzelf over. “Mijn leraren en vrienden weten het wel, maar ik vertel het niet zomaar aan iedereen.” Binnenkort doet hij dat voor het eerst wel. Hij houdt een spreekbeurt over sikkelcelziekte. “Dat vind ik belangrijk,” zegt hij. “Dan begrijpen mensen beter wat het is en wat het met je doet.”

Thuis is er steun
Thuis krijgt Jazz veel steun van zijn ouders en zijn zusje. Zijn moeder gaat altijd met hem mee naar het ziekenhuis en dan proberen ze er samen toch iets gezelligs van te maken. “We versieren de kamer en bestellen McDonald’s. Het maakt het net wat minder naar allemaal”, zegt Rachelle. “Dat betekent wel dat zijn zusje me even moet missen, en dat is soms best moeilijk voor haar.” 

Vooruitkijken
Jazz kijkt positief naar de toekomst. Hij droomt ervan archeoloog te worden: “Ik zag een filmpje over mensen die botten en diamanten aan het opgraven waren. Dat lijkt me echt leuk.” Ook hoopt hij dat er betere behandelingen komen. “Het zou fijn zijn als er steeds meer mensen zijn die weten wat sikkelcelziekte is,” zegt hij. “Zodat ze beter begrijpen hoe het echt is om het te hebben.”

‘Ik mocht vroeger niet in de sneeuw spelen’

'Ik mocht vroeger niet in de sneeuw spelen'

Fantaoulen is veertien jaar en heeft sikkelcelziekte. Sinds haar geboorte is ze onder behandeling. “Ik ben ermee geboren, en al heel jong begon ik medicijnen te slikken.” Inmiddels is ze gewend aan een leven met maandelijkse bloedtransfusies en erythroferese, een behandeling waarbij haar bloed wordt gefilterd en aangevuld met gezonde rode bloedcellen van een donor.

Ziekenhuis in, ziekenhuis uit
Als kind had Fantaoulen vaak pijn en moest ze regelmatig naar het ziekenhuis. “Ik miste best veel school. Dat was soms lastig.” Inmiddels gaat het beter, al zijn de maandelijkse ziekenhuisbezoeken nog steeds onderdeel van haar leven. “Het hoort erbij, maar het is wel vervelend elke keer.”

Waar ze ook van baalt, zijn de medicijnen. “Sommige pillen zijn heel groot of smaken vies. Als je net geen glas water bij de hand hebt, valt zo’n pil uit elkaar in je mond – echt niet lekker. Ik neem ze wel, maar het blijft iets waar ik echt tegenop zie.”

Niet alles mogen doen
Sikkelcelziekte betekende ook dat ze dingen moest missen die andere kinderen wél konden doen. “Ik mocht vroeger niet in de sneeuw spelen. Of meedoen aan piepjestests op school. Buiten spelen in de winter kon vaak niet. Dat voelde soms oneerlijk. Andere kinderen deden het allemaal wel, en ik moest toekijken.”

Praten over haar ziekte
Fantaoulen zit in 2vwo. Op school is het nog altijd niet makkelijk om over haar ziekte te praten. “Mijn coach weet het, en daardoor ook de leraren. Maar bij klasgenoten blijft het lastig. Ik weet niet altijd hoe ik het moet uitleggen.” Ze kent ook weinig leeftijdsgenoten met sikkelcelziekte. “Daardoor voel ik me soms best alleen in wat ik meemaak. Niet iedereen begrijpt het, en dat merk je.” Haar vader heeft ook sikkelcelziekte. Daar heeft ze veel steun aan. “Hij heeft er minder last van dan ik, maar hij weet wel wat het is. Dat helpt wel. Hij begrijpt me.”

Toekomstplannen
Fantaoulen blijft positief. “Ik krijg nu elke maand een bloedtransfusie en dat helpt goed, maar we kijken ook of ik in aanmerking kom voor een stamceltransplantatie. Er is nog geen donor gevonden, maar hopelijk lukt dat snel. Ik kijk uit naar de toekomst en hoop architect of dokter te worden.” Ze wil haar verhaal ook blijven vertellen, juist omdat sikkelcelziekte nog zo onbekend is. “Als mensen beter begrijpen wat het is, komt er hopelijk ook meer aandacht en geld voor onderzoek. Dat is belangrijk – niet alleen voor mij, maar voor iedereen met sikkelcelziekte.”

Reactie Sikkelcelfonds op bezuinigingen bij Amerikaanse CDC: ‘Impact reikt verder dan de VS’

Reactie Sikkelcelfonds op bezuinigingen bij Amerikaanse CDC:
'Impact reikt verder dan de VS'

Met ongeloof en teleurstelling leest het Sikkelcelfonds over de bezuinigingen bij het Amerikaanse Centers for Disease Control and Prevention (CDC), die leiden tot het wegvallen van onderzoeksteams voor volwassenen met sikkelcelziekte.
Het CDC is de belangrijkste federale gezondheidsinstantie in de VS, verantwoordelijk voor cruciale data, preventie en onderzoek.

Deze beslissing raakt de kern van wat goede zorg mogelijk maakt: data, inzicht en structurele aandacht voor een ernstige, onderbelichte aandoening die wereldwijd vooral mensen van kleur treft. Als deze programma’s niet worden hersteld, betekent dit niet alleen het stilvallen van levensreddend onderzoek, maar ook een toename van vermijdbare complicaties, ziekenhuisopnames en zelfs overlijdens.

De impact reikt verder dan de Verenigde Staten. Ook Nederlandse onderzoekers werken samen met Amerikaanse collega’s of maken gebruik van hun data en inzichten. Internationale kennisdeling is essentieel om sikkelcelziekte beter te begrijpen en te behandelen.

In een tijd waarin beleidsmakers wereldwijd zeggen te staan voor ‘health equity’, is dit een schrijnend voorbeeld van hoe woorden en daden nog steeds niet altijd overeenkomen.

In Nederland blijven wij ons inzetten voor structurele aandacht, betere zorg en voldoende onderzoek naar sikkelcelziekte. Maar dat kunnen we alleen samen: met beleidsmakers, onderzoekers én internationale partners.

Wilt u iemand van het Sikkelcelfonds spreken? Neem dan contact op met Charlotte van Tuijn op 06 14 78 59 41

‘Het is niet alleen een strijd tegen pijn, maar ook tegen eenzaamheid’

‘Het is niet alleen een strijd tegen pijn, maar ook tegen eenzaamheid’

Moreno (31) leeft al zijn hele leven met sikkelcelziekte. Als kind lag hij jarenlang in het ziekenhuis. Nog steeds heeft hij veel opnames en dagelijkse pijn. Toch blijft hij zich inzetten om de ziekte bekender te maken. “We doen dit samen. Het is niet alleen een strijd tegen pijn, maar ook tegen eenzaamheid en voor erkenning.”

Opgegroeid in het ziekenhuis

Moreno werd in 1993 geboren als twee-eiige tweeling en kwam veel te vroeg ter wereld. Al snel ontdekten artsen dat ik sikkelcelziekte had.” Zijn zusje bleek alleen drager te zijn, net als meerdere familieleden. “Mijn nicht en ik zijn de enige in de familie met sikkelcelziekte. Zij is helaas overleden.”

De eerste vijf jaar van zijn leven bracht Moreno grotendeels door in het ziekenhuis. “Ik kon door de botpijnen niet lopen, was kortademig en had vaak bloedtransfusies nodig. Alles draaide om medische zorg, zelfs thuis kreeg ik hulp vanuit het ziekenhuis. Ook later bleef de ziekte zijn leven bepalen. “Op de basisschool liep ik steeds achter door de opnames. Een tijdlang volgde ik school in het Sophia Kinderziekenhuis.”

 Ik had altijd veel pijn en was vaak moe. Er was begrip, maar op een gegeven moment merk je: de deuren gaan niet meer echt voor je open. Anderen gaan door, jij blijft staan.”

Vrijwilligerswerk en hoop op genezing
Werken is door de ziekte lastig, maar Moreno zit niet stil. “Ik ben volledig afgekeurd, maar ik doe vrijwilligerswerk bij Rotterdam Recruitment Agency. Daar help ik jongeren aan een baan of dagbesteding. Dat vind ik belangrijk én fijn, want daar accepteren ze me zoals ik ben. Ook als ik drie weken uitval door een opname.”

Moreno heeft zo’n acht tot twaalf opnames per jaar. “Er zijn medicijnen, maar die slaan bij mij niet goed aan. Alles wat we proberen, werkt even en dan weer niet..”Ik sta in de top drie van jongeren in Rotterdam met de meeste opnames. Daarom hoopt hij binnenkort een stamceltransplantatie te ondergaan. “Mijn arts zegt: je moet nu echt nadenken over deze stap. Het is zwaar maar als ik het niet doe, weet ik zeker wat me te wachten staat.”

‘Je ziet het niet aan de buitenkant’
Het moeilijkste vindt Moreno dat mensen vaak niet zien hoe ingrijpend sikkelcelziekte is. “Mensen kijken naar je en denken: je ziet er toch goed uit. Maar ze weten niet wat er binnenin gebeurt. Zelfs ik weet soms niet hoe mijn lichaam morgen reageert. Dat maakt het lastig om uit te leggen.” Voor Moreno is sikkelcelziekte dan ook meer dan alleen de pijnlijke crises. “Het is een strijd tegen de pijn, maar ook tegen eenzaamheid en onbegrip. Je moet steeds weer uitleggen wat je hebt, waarom je niet mee kunt doen of ineens wegblijft. Dat vreet energie.”

Juist daarom blijft Moreno zijn verhaal delen – in documentaires  of educatieve video’s en op scholen. “Sikkelcelziekte verdient een plek op de kaart. Iedereen kent diabetes of kanker, maar van sikkelcelziekte heeft bijna niemand gehoord – terwijl het net zo heftig is. Het hoort gewoon in de boeken, zodat ook kinderen het leren. Want deze ziekte zet levens op z’n kop. En niemand met sikkelcelziekte mag zich alleen voelen.

‘Ik wil zo graag meedoen, maar mijn lichaam laat het vaak niet toe’

‘Ik wil zo graag meedoen, maar mijn lichaam laat het vaak niet toe’

Mara Smeets (29) uit Maastricht leeft met sikkelcelziekte. Hoewel de ziekte vanaf de geboorte aanwezig is, kreeg ze er pas op latere leeftijd echt mee te maken. “Als kind had ik nergens last van. Pas vanaf mijn puberteit begon het mijn leven over te nemen.”

Jaren zonder klachten
Toen Mara twee jaar was, werd ze tijdens een bezoek aan Nigeria ziek. Terug in Nederland bleek ze malaria te hebben én sikkelcelziekte. “Ze ontdekten het toevallig bij een reeks onderzoeken.” Lange tijd leek de ziekte geen grote rol te spelen. “Ik herinner me niet dat ik als kind niet mee kon doen of snel moe was. Op de basisschool en middelbare school ging alles goed.”

Pas rond haar zeventiende veranderde dat. “Toen ik drukker werd, met school en een sociaal leven, kreeg ik vaker pijn en belandde ik in het ziekenhuis. Vanaf dat moment kwam sikkelcelziekte echt op de voorgrond.”

Tijdens haar studie toerisme en hospitality kreeg Mara steeds meer te maken met crises en opnames. Toch rondde ze haar opleiding af. “Eigenlijk wilde ik stewardess worden, maar ik zou niet door de medische keuring komen. Achteraf gezien was de studie ook niet handig. Maar omdat ik nooit eerder echt klachten had, dacht ik dat het wel zou gaan.”

Schade aan haar lichaam
De afgelopen jaren waren extra zwaar. “Ik kreeg niet alleen vaker crises en wisseltransfusies, maar ook hersenproblemen. Ik moest drie keer geopereerd worden vanwege complicaties in mijn hoofd.” Daarnaast heeft Mara door de jaren heen ook schade aan andere organen opgelopen, waarvoor ze nu bij meerdere specialisten onder behandeling is. “Elke crisis kan nieuwe orgaanschade veroorzaken. Dat vraagt niet alleen veel van mijn lichaam, maar ook mentaal is het zwaar.”

Werken is voor Mara nu geen optie. “De impact van sikkelcelziekte op mijn lichaam is te groot geworden. Daarom neem ik bewust de tijd om tot rust te komen en opnieuw mijn balans te vinden. Ik probeer het vertrouwen in mijn lichaam terug te krijgen en manieren te vinden om mentaal sterker te worden. Muziek en creativiteit helpen me daarbij – ik zing, speel piano en schrijf.”

Onzichtbaar en onbegrepen
Wat Mara het zwaarst vindt, is dat haar ziekte niet zichtbaar is. “Mensen kijken naar me en zien een jonge vrouw die er goed uitziet. Ze denken: ze zal wel lui zijn of overdrijven. Maar ze hebben geen idee hoeveel pijn en vermoeidheid ik dagelijks voel. Soms zou het makkelijker zijn als je het aan me kon zien.”

Toch heeft ze altijd openheid gezocht. “Mijn vrienden weten het en hebben begrip. Vaak blijft het wel lastig. Het maakt niet uit wat we ondernemen, ik moet altijd eerst drie keer nadenken of ik het aankan. Ik wil zo graag meedoen, maar mijn lichaam laat het vaak niet toe.”

Het taboe moet eraf
Voor Mara is het duidelijk: sikkelcelziekte moet bekender worden. “Het taboe moet er ook echt af. In bepaalde culturen wordt er liever niet over gesproken, ook moeten mensen begrijpen hoe zwaar en complex deze ziekte is en wat er allemaal bij komt kijken. Sikkelcelziekte is een ziekte waar meer over gesproken moet worden.”

In de toekomst hoopt Mara daarin een rol te spelen. “Ik droom ervan mijn verhaal op een grotere manier te kunnen delen, bijvoorbeeld via een podcast of een boek, waar ik al aan ben begonnen. Sikkelcelziekte raakt niet alleen je lichaam, maar ook je mentale gezondheid. Het is belangrijk dat mensen begrijpen wat deze ziekte écht betekent – en hoeveel kracht het vraagt om ermee te leven.”

Lena Václavů (LUMC) onderzoekt hoe sikkelcelziekte de hersenen beïnvloedt

Lena Václavů (LUMC) onderzoekt hoe sikkelcelziekte de hersenen beïnvloedt

Het Sikkelcelfonds faciliteert en ondersteunt onderzoek naar betere behandelingen en genezing van sikkelcelziekte. Eén van de lopende onderzoeken is The Role of Hemodynamics in Silent Infarcts. In deze studie onderzoekt Lena Václavů (LUMC, Leiden) of en hoe veranderingen in de bloedstroom bijdragen aan witte-stof-afwijkingen bij sikkelcelpatiënten. Dit zijn kleine beschadigingen in de hersenen, zichtbaar als ‘vlekjes’ op een MRI-scan, die kunnen ontstaan door een tekort aan zuurstof in de bloedvaten. Dit onderzoek richt zich specifiek op pulsatiliteit – de drukgolven in de bloedstroom, ook wel hemodynamiek genoemd – en de impact hiervan op de kleine hersenvaten.

Wat houdt het onderzoek precies in?
Veel mensen met sikkelcelziekte vragen zich af of en hoe de ziekte invloed heeft op hun hersenen. Ze ervaren concentratie- of geheugenproblemen en vermoeidheid, maar het is nog onduidelijk of dit samenhangt met schade aan de hersenen als gevolg van witte-stof-afwijkingen. Dit onderzoek richt zich op pulsatiliteit en hoe deze de kleine hersenvaten beïnvloeden. Normaal gesproken dempen gezonde vaten deze golven, waardoor de drukverschillen na een hartslag relatief klein zijn, maar bij veroudering en bepaalde aandoeningen gebeurt dit minder goed. Bij oudere mensen met een aandoening in de kleine bloedvaten lijkt er een verband te zijn tussen de aanwezigheid van witte-stof-afwijkingen op MRI-scans en hogere pulsatiliteit (grotere drukgolf bij iedere hartslag).

We weten al dat het bloed sneller stroomt bij patiënten met sikkelcelziekte maar we willen ook weten of de combinatie van een drukgolf en snellere bloedstroming in de hersenen de vaten kwetsbaarder maakt en kan leiden tot stille infarcten. Stille infarcten zijn vaak onopgemerkt maar kunnen wel invloed hebben op concentratie en geheugen en vergroten het risico op een beroerte op latere leeftijd.

Hoe wordt het onderzoek uitgevoerd?
Voor dit onderzoek zijn 133 sikkelcelpatiënten en 38 controlepersonen onderzocht met 4D-flow-MRI. In tegenstelling tot standaard MRI-scans, die vooral de anatomie van de hersenen tonen, legt deze techniek de dynamiek van de bloedstroom vast. Dit betekent dat we niet alleen zien hoe snel het bloed beweegt, maar ook hoe drukgolven zich door de bloedvaten verplaatsen en welke krachten op de vaatwanden werken. Hierdoor krijgen we een completer beeld van hoe sikkelcelziekte de bloedvaten van de hersenen beïnvloedt.

Daarnaast onderzoeken we welke rol leeftijd, medicatie en ziekte-ernst hebben op de bloeddoorstrooming van de hersenen. Dit zou ons kunnen helpen te voorspellen welke patiënten een verhoogd risico lopen op stille infarcten.

Met wie wordt er samengewerkt?
Het onderzoek is een samenwerking tussen het Amsterdam UMC, LUMC Leiden en het Children’s Hospital Los Angeles. Binnen het Amsterdam UMC werk ik samen met hematoloog prof. Bart Biemond, een expert op het gebied van sikkelcelziekte.

De samenwerking met Los Angeles is heel belangrijk, omdat door de samenwerking gebruik kon worden gemaakt van  een grote subsidie van de Amerikaanse National Institutes of Health (NIH), een belangrijk fonds dat medisch onderzoek financiert. Door de samenwerking en het feit dat in het ziekenhuis in Los Angeles dezelfde MRI technologie wordt gebruikt om dit soort speciale scans te kunnen maken, krijgen we niet alleen een grotere groep patiënten maar,  ook een breder inzicht in de variaties in bloedstroom en vaatgezondheid.

Welke rol speelt de subsidie van het Sikkelcelfonds?
Dankzij de subsidie van het Sikkelcelfonds konden we geavanceerde analysetechnieken toepassen op deze verzamelde MRI-data. Eerdere studies keken vooral naar invloed van de bloedstroomsnelheid, terwijl wij nu ook onderzoeken hoe de drukschommelingen (pulsatiliteit) bijdragen aan schade aan de kleine hersenvaten.

Deze analyse kan nieuwe inzichten opleveren over hoe stille infarcten ontstaan en hoe we deze in de toekomst kunnen voorkomen. Dit is van groot belang, omdat er momenteel geen effectieve manier is om deze hersenschade vroegtijdig te signaleren of te behandelen.

Wat is de ideale uitkomst van dit onderzoek?
Het ultieme doel is om patiënten een beter antwoord te geven op de vraag: Hoe heeft sikkelcelziekte invloed op mijn hersenvaten? Mijn eigen achtergrond in de psychologie en neurowetenschappen helpt me om deze vraag niet alleen op fysiologisch niveau te bekijken, maar ook vanuit het perspectief van patiënten. Veel mensen met sikkelcelziekte ervaren concentratieproblemen en/of geheugenverlies en vragen zich af of dit samenhangt met hun ziekte.

Mijn interesse in dit onderzoek ontstond tijdens mijn promotieonderzoek aan het Amsterdam UMC, waar ik me richtte op bloedstroomdynamiek in de hersenen. De hersenen passen zich continu aan, maar we weten nog niet precies hoe dit proces verloopt bij sikkelcelziekte. Dit onderzoek helpt ons te begrijpen wanneer de balans verstoord raakt, een cruciale stap om schade in de toekomst te kunnen voorkomen.

Door meer inzicht te krijgen in de relatie tussen sikkelcelziekte en hersenschade, kan deze studie bijdragen aan betere screeningmethoden en behandelingen. Daarmee zetten we een belangrijke stap in het verbeteren van de zorg en de kwaliteit van leven van sikkelcelpatiënten.

Meer informatie over haar onderzoek is te lezen op onze onderzoekspagina

‘De pijn die wij voelen is niet te vergelijken met iets anders’

'De pijn die wij voelen is niet te vergelijken met iets anders'

Seraja (18) kreeg pas op haar zesde de diagnose sikkelcelziekte. De jaren ervoor had ze veel pijn, maar niemand wist wat er aan de hand was. Nu, als jongvolwassene, vertelt ze over de uitdagingen van leven met sikkelcelziekte en over hoe mensen vaak niet goed begrijpen wat de ziekte inhoudt.

Een onbekende ziekte met grote gevolgen

“Ik ben in 2006 geboren, maar in die tijd zat sikkelcelziekte nog niet in de hielprik, dat kwam pas het jaar erna. Mijn ouders wisten dus niet dat ik het had. Als kind had ik vaak pijn in mijn benen, maar de dokter dacht dat het groeipijn was. Ook was ik snel moe en bleef ik lang in de buggy zitten. Pas toen ik een ernstige aanval van koortsstuip kreeg en met spoed naar het ziekenhuis moest, werd duidelijk dat ik sikkelcelziekte had. Ik was zes jaar oud.”

Het duurde even voordat artsen de juiste diagnose stelden bij Seraja. “Eerst dachten ze dat ik kanker had. Mijn Hb-waarde (Hemoglobinewaarde) lag zo laag dat als het langer had geduurd, ik in coma had kunnen raken. Ik werd overgebracht naar het Wilhelmina Kinderziekenhuis, waar ze uiteindelijk ontdekten dat het sikkelcelziekte was. Voor mijn ouders was dat een enorme schok. Mijn moeder had er weleens van gehoord, maar wist niet precies wat het inhield. Mijn vader had een verre familielid met sikkelcelziekte, maar stond er nooit bij stil dat hij drager kon zijn.”

Ziekenhuis in, ziekenhuis uit

“Na mijn diagnose kreeg ik medicatie, maar de eerste jaren was ik nog steeds vaak in het ziekenhuis. Op de basisschool miste ik veel lessen. In groep zes kreeg ik een nieuw medicijn, hydroxycarbamide (vroeger bekend als Hydrea), en dat sloeg gelukkig goed aan. Vanaf dat moment ging het beter, en hoefde ik nog maar één of twee keer per jaar opgenomen te worden. Dat was voor mij een stuk minder dan voorheen, maar het blijft veel als je naar school gaat.”

Ook op de middelbare school had Seraja last van haar ziekte. “Vooral in de winter, als het kouder werd, kreeg ik vaker een pijnlijke crise. Ik heb in die tijd een paar heftige opnames gehad, maar mijn ergste crisis kwam pas vorig jaar. Ik slikte inmiddels een andere variant van mijn medicatie, maar had moeite met de grote capsules. Daardoor nam ik ze niet altijd even goed in. De kou en stress deden de rest: ik kreeg een zware aanval en moest in het ziekenhuis blijven. Ik vierde Kerst en Oud & Nieuw daar. Dat was echt moeilijk.”

Onbegrip op school en in het dagelijks leven

Niet iedereen in de omgeving van Seraja begrijptwat sikkelcelziekte is en wat het voor haar betekent. Ze loopt dan ook vaak tegen onbegrip aan. “Op de middelbare school vertelde ik er altijd open over, dat vond ik niet moeilijk. Mensen snapten het misschien niet helemaal, maar ze accepteerden het. Op mijn mbo-opleiding was dat anders. Ik studeer facilitair leidinggeven aan de hotelschool in Amersfoort en ben de afgelopen jaren vaker ziek geweest. Docenten en klasgenoten begrijpen het niet altijd. Ze geloven soms niet dat ik echt ziek ben, omdat ik er niet ziek uitzie. Dat is best frustrerend.”

Dat gebrek aan begrip ziet Seraja ook buiten school. “Sikkelcelziekte is zo onbekend dat zelfs sommige hulpverleners niet weten wat het is. Vorig jaar had ik een crisis waarbij een ambulance moest komen. Ik had zo veel pijn dat ik schreeuwde, maar ik kreeg te horen dat ik me niet moest aanstellen en stil moest zijn. Dat doet pijn, en niet alleen fysiek.”

Toekomstplannen

Ondanks alles blijft Seraja positief en kijkt ze vooruit. “Ik zit nu in mijn laatste jaar van mijn opleiding. Eerst wilde ik iets met eventplanning doen, maar nu twijfel ik en wil ik me nog oriënteren. Misschien ga ik doorstuderen op het hbo. Ik hou van muziek, dus misschien wil ik daar iets mee. Ik weet het nog niet precies, maar hoef van mezelf nog niet te kiezen.”

Eén ding hoopt ze in ieder geval: dat er meer bekendheid komt voor sikkelcelziekte. “Mensen denken soms dat het vergelijkbaar is met iets als diabetes, maar dat is het volgens mij niet. De pijn die wij voelen is niet te vergelijken met iets anders. En wat ook belangrijk is: bij iedereen is de ziekte anders. Geen twee mensen met sikkelcelziekte ervaren het op precies dezelfde manier.”

Nijntje XL Limited Edition: Koninklijk Delfts Blauw voor het Sikkelcelfonds

Nijntje XL Limited Edition: Koninklijk Delfts Blauw voor het Sikkelcelfonds

In 2025 viert onze geweldige ambassadeur nijntje haar 70ste verjaardag. Ter gelegenheid van dit jubileum brengt Royal Delft, in samenwerking met Mercis, een exclusieve nijntje XL Limited Edition uit. Dit handgeschilderde Delfts Blauwe kunstwerk is niet alleen een eerbetoon aan de jarige, maar draagt ook bij aan een goed doel: 12,5% van de verkoopprijs wordt gedoneerd aan het Sikkelcelfonds.

Uniek vakmanschap in een gelimiteerde oplage

De ontwerpers en meester-schilders van Royal Delft hebben nijntje in een nieuw jasje gestoken, alsof ze zelf door een Delfts Blauw bord is gewandeld. De kenmerkende patronen zijn vergroot en met de hand aangebracht, wat resulteert in een indrukwekkende eyecatcher van 40 cm hoog. Deze exclusieve editie is verrijkt met subtiele gouden details, geïnspireerd op het logo van het Sikkelcelfonds.

Als ambassadeur van het Sikkelcelfonds helpt nijntje om sikkelcelziekte meer bekendheid te geven. Met een oplage van slechts 70 stuks is nijntje XL Limited Edition niet alleen een bijzonder collector’s item, maar ook een manier om onderzoek naar betere behandelingen en genezing van sikkelcelziekte te steunen.

Bekijk hieronder het promotiefilmpje van Mercis en Royal Delft. Meer informatie staat op de site van Royal Delft.

Carolina Dijkhuizen – nieuwe ambassadeur

Wij zijn er trots op wij ons team van ambassadeurs  (Jörgen Raymann, Edson da Graça, Laurien Verstraten, Remy Bonjasky, John Williams en nijntje) in 2022 nog uit hebben mogen breiden met Carolina Dijkhuizen.

Zangeres, actrice en presentatrice. Carolina speelde diverse hoofdrollen in Aida, The Lion King en Sister Act. Ook is zij regelmatig te zien op televisie en speelde in diverse rollen in series en films.

Wij kijken er naar uit om aankomend jaar samen met onze ambassadeurs nog meer bekendheid aan sikkelcelziekte te geven!

Studenten actie – ORKA

Geneeskunde studenten aan het Erasmus MC Hassnae, Nicole en Britt, geneeskunde en tevens bestuursleden van ORKA hebben een creatieve actie opgezet voor het Sikkelcelfonds. 

ORKA is een studieprogramma over de kindergeneeskunde voor geneeskunde studenten. Dit jaar hebben zij ervoor gekozen om het inschrijfgeld van de studenten te doneren aan het Sikkelcelfonds. De aanleiding hiertoe was de inspirerende lezing over sikkelcelziekte die zij afgelopen jaar van dr. Marjon Cnossen hebben gehad. 

‘We hopen ons steentje te hebben bijgedragen aan het bekender maken van dit ziektebeeld onder toekomstige artsen en dat het geld gebruikt kan worden om meer onderzoek te doen naar sikkelcelziekte’

Bedankt Hassnae, Nicole en Britt voor jullie initiatief. 

Dit is ook een mooi voorbeeld van een creatieve manier hoe je een actie kan starten voor het Sikkelcelfonds! ❤

Ga naar ‘Start een actie’ voor meer informatie en inspiratie en start jouw actie!